
VERSLAG
Studiemiddag BNB x VAWR:
Door: Wolbert Vroom
Hoe breng je bouwhistorische kennis in beeld en welke informatie heb je nodig voor een goed ontwerp?
Op donderdag 30 oktober organiseerden de Bond van Nederlandse Bouwhistorie (BNB) en de Vereniging van Architecten werkzaam in de Restauratie (VAWR) een gezamenlijke studiemiddag.
Het doel van de bijeenkomst was om de scheidslijnen tussen de twee beroepsgroepen te verkleinen en om de overdracht van informatie te bevorderen. Beide disciplines werken vanuit verschillende invalshoeken aan eenzelfde pand of complex. De ene analyseert de ontwikkeling en stelt de monumentwaarde vast, de andere analyseert de eigenschappen en maakt een nieuw plan voor de toekomst. Hoe kan de overdracht van de bouwhistorische kennis worden bevorderd en aan welke informatie heeft de architect behoefte voor het maken van een goed ontwerp? Op welke manier kan de bouwhistorische informatie een betere basis vormen voor het ontwerp en hoe kan de bouwhistoricus meer bij het vervolg van het ontwerpproces betrokken worden?
Tijdens deze middag zijn we met veel enthousiasme in gesprek getreden, over de wisselwerking tussen onderzoek en ontwerp. Om vanuit de verschillende invalshoeken ervaringen met elkaar te delen komen de verschillende disciplines die bij het voorstadium van een restauratie betrokken zijn aan het woord: opdrachtgever, bouwhistoricus, architect en toetsende instantie/vergunningverlener. Denk mee hoe we de overdracht van informatie nog beter kunnen maken en vanuit het verleden kunnen werken aan de architectuur van de toekomst!


Het initiatief is ontstaan uit het besef voor de noodzakelijke samenwerking tussen onderzoek en ontwerp in restauratiepraktijk.
Tijdens een drukbezochte bijeenkomst op donderdagmiddag, 30 oktober 2025 kwamen ondanks de uitval van de trein tussen Utrecht CS en Den Bosch CS, ruim 120 restauratie-architecten, bouwhistorici, opdrachtgevers en vergunningverleners samen om kennis en ervaringen uit te wisselen over toekomstbestendig erfgoedbeheer. Centraal stond de wisselwerking tussen onderzoek en ontwerp, een relatie die steeds belangrijker wordt binnen restauratieprojecten.
Breed samengesteld programma
Om het volledige werkveld te vertegenwoordigen, koos de organisatie voor een uitgebalanceerd programma. Twee bijdragen kwamen vanuit de bouwhistorie, verzorgd door Jacqueline de Graauw (bouwhistoricus/ Bureau Bouwtijd), Roos van Enter (Stadsherstel Amsterdam), Eva Osinga-Dubbelboer (Osinga Bouwhistorie) en Karlijn de Wild (architect en bouwhistoricus/ Rothuizen Erfgoed). Jeroen Westerman (bouwhistoricus/ RCE) namens de vergunningverlenende overheden. Twee sprekers vanuit de ontwerppraktijk, gepresenteerd door Janneke Bierman (BiermanHenket architecten) en Marnix van Meer (ZECC Architecten). Namens de opdrachtgevers sprak Miquel Loos, adviseur bij Bureau Spoorbouwmeester.
De middag stond onder leiding van Jessica Hammerlund Bergmann, die het programma met energie en humor in goede banen leidde en zorgde voor een vlotte afwisseling van de verschillende perspectieven.
Miguel Loos startte de middag met inzichten vanuit het opdrachtgeversperspectief, aan de hand van enkele restauraties en renovaties van enkele stations.
Jacqueline de Graauw en Roos van Enter hielden een pleidooi voor de zogenoemde ‘toolkit’ voor bouwhistorici, zij wezen erop dat bouwhistorici meer gebruik zouden kunnen maken voor meer communicatief effect van hun bouwhistorisch onderzoek bij betrokken partijen (architecten!) door middel van inzetten van meer beeldmateriaal in hun rapportages. Enkele visualisatietechnieken werden getoond: documenteren, analyseren en communiceren.
Janneke Bierman vertaalde als het ware de mate van het nut en het selectief gebruik van bouwhistorische rapportages voor architecten.
Na een korte pitch als oproep voor lidmaatschap van de KNOB, volgde wederom Jacqueline de Graauw, nu met Karlijn de Wild en Eva Osinga: de toolkit kwam nu uitgebreid aan de orde.
Marnix van Meer toonde aan de hand van voorbeelden uit zijn praktijk waarbij historisch onderzoek en waardering een belangrijke factor is bij het (her) bestemmen van onder andere bij de Eurobioscoop ‘Mout’ in Hilversum en enkele watertorens.
Jeroen Westerman lichtte de rol van de vergunningverlener toe, de boodschap was onder andere dat een -degelijk- bouwhistorisch rapport in combinatie met een plan doorgaans de planbeoordeling faciliteert. ‘Een goed begin is het halve werk’.
Gabri Tusschenbroek sloot de reeks af met een beschouwende bijdrage over de samenhang tussen onderzoek en ontwerp.


Discussie over actuele vraagstukken
De presentaties behandelden actuele thema’s zoals historische materialen en technieken, ontwerpkeuzes binnen monumentale contexten, beleidskaders vanuit de vergunningverlening en de rol van de opdrachtgever bij restauratieopgaven. In een afsluitende paneldiscussie bespraken sprekers en publiek de belangrijkste uitdagingen, waaronder de balans tussen conserveren en vernieuwen en de interpretatie van historische gelaagdheid.
Samenwerking als sleutel tot kwaliteit
De bijeenkomst benadrukte dat nauwe samenwerking tussen alle betrokken disciplines, met name de restauratie-architecten en de bouwhistorici, essentieel is voor goed onderbouwde restauratiebeslissingen en toekomstbestendig erfgoedbeheer. De organisatie kijkt terug op een geslaagde en inspirerende middag die de onderlinge uitwisseling binnen het vakgebied verder heeft versterkt.
Naast dank voor alle sprekers willen we namens het bestuur van de VAWR ook de werkgroep voor deze studiedag voor al hun tijd en inzet voor de organisatie van deze geslaagde studiedag! Zonder hun inzet was het niet gelukt om een dergelijk vruchtbare middag te organiseren. Speciale dank gaat uit naar:
Eva Osinga-Dubbelboer voor de fijne samenwerking tussen de besturen van de BNB en de VAWR en Maurice l’Homme van BiermanHenket voor het beschikbaar stellen van de locatie.

Programma en sprekers
